Hoe krijg je kinderen meer in beweging?
22 juli 2021
Laatste update: 29 september 2026
Rennen, fietsen, dansen of buiten spelen: voor kinderen hoeft bewegen niet als sporten te voelen. Door actief spel een plek in de dag te geven, ontdekken ze wat ze leuk vinden. Hoeveel beweging hebben kinderen nodig en hoe help je ze op weg?
Hoeveel moet een kind per dag bewegen?
Volgens de beweegrichtlijnen hebben kinderen van 4 tot 18 jaar iedere dag minstens één uur matig tot zwaar intensieve beweging nodig. Dat uur mag uit verschillende momenten bestaan. Fietsen naar school, stevig wandelen en actief buitenspelen tellen bijvoorbeeld mee als je kind er merkbaar door in beweging komt.
Daarnaast wordt aangeraden om minstens drie keer per week activiteiten te doen die spieren en botten versterken. Denk aan rennen, springen, klimmen, dansen of sporten waarbij kinderen veel bewegen. De richtlijn geldt vanaf 4 jaar. Voor jongere kinderen is regelmatig en gevarieerd bewegen ook belangrijk, maar hun beweegadvies is anders.

Waarom is bewegen belangrijk voor kinderen?
Door te bewegen oefenen kinderen allerlei vaardigheden. Bij fietsen, gooien, vangen en klimmen leren ze hun lichaam beter gebruiken. Actief spelen helpt bovendien bij de ontwikkeling van spieren, botten en conditie.
Bewegen kan ook een fijne manier zijn om energie kwijt te raken en samen met andere kinderen te spelen. Tijdens een spel oefenen kinderen bijvoorbeeld met samenwerken, afspraken maken en omgaan met winnen en verliezen. Regelmatig bewegen ondersteunt de gezondheid, maar één activiteit is geen garantie voor een bepaald gewicht, humeur of een goede nachtrust.
Heeft je kind moeite met slapen? Lees dan ook ons artikel over kinderen die niet willen slapen.

Zo maak je bewegen leuk en makkelijk
Laat je kind kiezen
Niet ieder kind vindt voetbal of zwemmen leuk. Probeer verschillende activiteiten uit en vraag wat je kind graag nog eens wil doen. Een sportvereniging kan passen, maar bewegen kan ook gratis in de speeltuin, het park of thuis.
Gebruik gewone momenten
Loop een stukje naar school, pak samen de fiets voor een boodschap of maak na het eten een korte wandeling. Het hoeft niet allemaal in één keer: ook kleinere beweegmomenten gedurende de dag tellen mee.
Maak van spelen een uitnodiging
Een bal, springtouw, stoepkrijt of vlieger kan genoeg zijn om te beginnen. Je kunt ook tikkertje spelen, een hindernisbaan maken of samen dansen. Sluit aan bij wat je kind kan en leuk vindt.
Maak afspraken over schermgebruik
Een telefoon of tablet is niet de enige reden waarom kinderen minder bewegen. Toch kan schermtijd actieve bezigheden verdringen. Maak daarom samen afspraken over wanneer schermen worden gebruikt en zorg dat er ook tijd overblijft om te spelen. Lees meer over kinderen en social media.
Doe zelf mee
Samen bewegen is vaak gezelliger dan je kind alleen naar buiten sturen. Laat je kind de route van een wandeling kiezen of verzin samen een spel. Merk op wat het leuk vond en geef een oprecht compliment voor het proberen of oefenen.
Begin met wat bij je kind past
De beweegrichtlijn geeft houvast, maar bewegen hoeft geen dagelijkse strijd of wedstrijd te worden. Kijk welke activiteiten bij je kind en jullie dag passen. Met regelmatig actief spel, korte beweegmomenten en ruimte om iets nieuws te proberen, wordt bewegen makkelijker een gewoonte.