Je bereidt je goed voor op een oppasdag door vooraf de routines, huisregels en bijzonderheden met de ouders te bespreken. Zorg dat je hen kunt bereiken, weet waar belangrijke spullen liggen en een paar passende activiteiten achter de hand hebt.
Vraag hoe een gewone dag voor de kinderen eruitziet. Wanneer eten en slapen ze? Wat mogen ze zelf doen en waarbij hebben ze hulp nodig? Je hoeft niet alles precies hetzelfde te doen als de ouders, maar vertrouwde routines geven je houvast.
Bespreek ook de huisregels. Denk aan schermtijd, tussendoortjes, buitenspelen en bezoek van vriendjes. Vraag wat helpt als een kind verdrietig wordt, niet wil eten of moeite heeft met afscheid nemen.
Controleer hoe laat je wordt verwacht en wanneer de ouders terugkomen. Spreek ook je vergoeding af en vraag wat jullie doen als het later wordt. Ga je met de kinderen op pad? Overleg dan waar je naartoe mag en hoe jullie daar komen.
Sla de telefoonnummers van de ouders op en vraag wie je kunt bellen als zij niet bereikbaar zijn. Zorg dat je het adres van de oppaslocatie weet, zodat je dit bij een noodgeval kunt doorgeven.
Vraag naar allergieën en andere bijzonderheden. Gebruikt een kind medicijnen? Laat de ouders duidelijk uitleggen en opschrijven wat er nodig is. Geef niet op eigen initiatief medicijnen en bespreek het vooraf als je een handeling niet kunt of durft uit te voeren.
Vraag bij aankomst om een korte rondleiding als je het huis nog niet kent. Laat de ouders aanwijzen waar je spullen vindt die je waarschijnlijk nodig hebt:
Bespreek welke ruimtes de kinderen mogen gebruiken en waar je extra op moet letten, bijvoorbeeld bij een trap, balkon of huisdier. Vraag ook hoe de voordeur op slot gaat en hoe je die van binnenuit opent.
Bedenk twee of drie activiteiten die passen bij de leeftijd en interesses van de kinderen. Tekenen, voorlezen, bouwen of een eenvoudig spelletje is vaak al genoeg. Vraag wat ze graag doen en gebruik vooral wat er thuis aanwezig is.
Je hoeft de dag niet helemaal vol te plannen. Houd ruimte voor vrij spelen en rustige momenten. Wil je naar buiten? Controleer vooraf de weersverwachting en stem je plannen af met de ouders.
Draag kleding waarin je makkelijk kunt bewegen. Een opgeladen telefoon is handig voor contact met de ouders. Verder kun je meenemen:
Overleg voordat je eten of knutselmaterialen voor de kinderen meeneemt. Zo houd je rekening met allergieën, de leeftijd en de voorkeuren van de ouders.
Spreek af dat je iets vóór het vertrek van de ouders aanwezig bent. Dan kun je rustig horen hoe het die dag met de kinderen gaat. Misschien heeft een kind slecht geslapen, al gegeten of ergens last van.
Begroet de kinderen en sluit aan bij wat ze aan het doen zijn. Je hoeft niet meteen een activiteit te starten. Even samen naar een tekening kijken of over een favoriet speeltje praten kan een fijne eerste stap zijn.
Vraag of de ouders tussendoor een bericht willen ontvangen en wanneer je hen moet bellen. Wil je een foto sturen? Overleg dat eerst en deel foto's van de kinderen niet met anderen of op sociale media zonder toestemming.
Ruim gebruikt speelgoed en spullen op voor zover dat lukt naast de zorg voor de kinderen. Je hoeft niet het hele huis schoon te maken; bespreek extra huishoudelijke taken vooraf.
Vertel bij thuiskomst kort hoe de dag is verlopen. Benoem wat de kinderen hebben gegeten, of ze hebben geslapen en eventuele bijzonderheden. Geef het ook eerlijk aan als iets lastig ging. Vraag bij een eerste oppasdag of er afspraken zijn die de ouders voor de volgende keer willen aanpassen.