Sociale ontwikkeling is het proces waarin een kind leert omgaan met andere mensen. Een kind ontwikkelt vaardigheden zoals contact maken, communiceren, samenspelen, rekening houden met anderen en omgaan met sociale regels. Deze ontwikkeling begint al vanaf de geboorte en gaat tijdens de kinder- en tienerjaren verder.
Sociale ontwikkeling hangt nauw samen met de emotionele ontwikkeling. Door emoties bij zichzelf en anderen steeds beter te herkennen en begrijpen, leert een kind bijvoorbeeld rekening houden met gevoelens, grenzen aangeven en conflicten oplossen.
Zoek je een oppas of wil je zelf als oppas aan de slag? Registreer je gratis bij Oppasland en kom in contact met gezinnen en oppassers.
Ieder kind ontwikkelt zich in een eigen tempo. De onderstaande leeftijdsfasen geven daarom vooral een algemeen beeld van vaardigheden die zich in deze perioden kunnen ontwikkelen.
Baby's maken vanaf jonge leeftijd contact met mensen om hen heen. Ze reageren bijvoorbeeld op stemmen en gezichten en communiceren door te kijken, bewegen, huilen en later ook lachen en geluidjes maken. De interactie met vertrouwde verzorgers speelt in deze periode een belangrijke rol.
Dreumesen worden actiever in het contact met anderen en doen gedrag van volwassenen en andere kinderen na. Ze spelen vaak nog naast andere kinderen in plaats van echt samen. Tegelijkertijd ontdekken ze steeds meer hun eigen wensen en grenzen.
Peuters gaan steeds meer met andere kinderen spelen. Ze oefenen met delen, op hun beurt wachten en samen iets doen. Ook leren ze emoties steeds beter herkennen en benoemen. Conflicten zijn in deze fase normaal, omdat vaardigheden zoals rekening houden met anderen en impulsbeheersing nog volop in ontwikkeling zijn.
Kleuters begrijpen sociale regels steeds beter en kunnen vaker langere tijd samenspelen. Fantasiespel helpt ze om verschillende rollen en situaties te verkennen. Ook ontwikkelen ze meer begrip voor wat een ander denkt of voelt.
Vriendschappen en de positie binnen een groep worden belangrijker. Kinderen leren samenwerken, afspraken maken en omgaan met meningsverschillen. Ervaringen op school, thuis, tijdens sport en bij andere activiteiten dragen bij aan hun sociale vaardigheden en zelfbeeld.
Tijdens de puberteit krijgen vrienden en leeftijdsgenoten vaak een belangrijke plaats in het sociale leven. Jongeren worden zelfstandiger, vormen hun eigen identiteit en ontwikkelen hun eigen ideeën over relaties, normen en waarden. Tegelijkertijd blijven ouders en andere vertrouwde volwassenen belangrijk.
De sociale en emotionele ontwikkeling helpt een kind om zichzelf en anderen beter te begrijpen. Vaardigheden die hierbij worden ontwikkeld zijn onder andere:
Geef een kind ruimte om contact te maken, te spelen en nieuwe situaties te ontdekken. Een vertrouwde volwassene kan ondersteuning bieden wanneer iets spannend of moeilijk is.
Door met andere kinderen te spelen, oefent een kind met delen, samenwerken, overleggen en rekening houden met anderen. Het is niet nodig om ieder conflict direct op te lossen. Soms kunnen kinderen eerst zelf proberen tot een oplossing te komen.
Help een kind woorden te geven aan gevoelens zoals blij, boos, bang of verdrietig. Je kunt ook bespreken hoe een ander zich mogelijk voelt. Daarmee oefent een kind in het herkennen en begrijpen van emoties.
Kinderen leren veel door naar volwassenen te kijken. Door zelf rustig te communiceren, naar anderen te luisteren en grenzen te respecteren, laat je zien hoe sociale omgang eruit kan zien.
Bij een ruzie kun je een kind helpen vertellen wat er is gebeurd, luisteren naar de ander en samen naar een oplossing zoeken. Pas je begeleiding aan de leeftijd en ontwikkeling van het kind aan.