Kinderbijslag

Kinderbijslag is een bijdrage van de overheid in de kosten voor de verzorging en opvoeding van kinderen tot 18 jaar. De Sociale Verzekeringsbank (SVB) betaalt de kinderbijslag ieder kwartaal uit. Hoeveel je krijgt, hangt onder andere af van de leeftijd van je kind.

De hoogte van de gewone kinderbijslag is niet afhankelijk van je inkomen. Wel moet je aan de voorwaarden van de Algemene Kinderbijslagwet voldoen om kinderbijslag te krijgen.

Wil je naast kinderbijslag ook praktische hulp bij de zorg voor je kinderen? Registreer je gratis bij Oppasland en kom in contact met oppassers.

Kinderbijslag 2026 bedragen

De hoogte van de kinderbijslag wordt ieder halfjaar aangepast. Vanaf het derde kwartaal van 2026 gelden de volgende bedragen per kind:

Leeftijd Bedrag per kwartaal
0 tot en met 5 jaar € 298,40
6 tot en met 11 jaar € 362,35
12 tot en met 17 jaar € 426,29

De leeftijd van je kind op de eerste dag van het kwartaal bepaalt welk bedrag je voor dat kwartaal krijgt. Wordt je kind bijvoorbeeld halverwege een kwartaal 6 of 12 jaar, dan gaat het hogere bedrag vanaf het volgende kwartaal in.

Wanneer wordt kinderbijslag uitbetaald

De SVB betaalt kinderbijslag na afloop van ieder kwartaal. Je krijgt het bedrag dus niet vooraf, maar nadat het betreffende kwartaal is afgelopen.

Ook bij de geboorte van een kind kijkt de SVB naar de eerste dag van het kwartaal. Wordt je kind precies op de eerste dag van een kwartaal geboren, dan heb je vanaf dat kwartaal recht op kinderbijslag. Wordt je kind later in het kwartaal geboren, dan gaat de kinderbijslag vanaf het volgende kwartaal in.

Hoe vraag je kinderbijslag aan

Eerste kind

Na de geboorteaangifte bij de gemeente krijgt de SVB de gegevens van je kind door. Je ontvangt vervolgens bericht van de SVB over het aanvragen van kinderbijslag.

Volgende kinderen

Krijg je al kinderbijslag en wordt er nog een kind geboren, dan hoef je meestal geen nieuwe aanvraag te doen. De SVB krijgt de geboortegegevens via de gemeente en past je kinderbijslag aan.

Wat is dubbele kinderbijslag

In sommige situaties kun je dubbele kinderbijslag krijgen. Hiervoor gelden aanvullende voorwaarden.

Intensieve zorg voor een thuiswonend kind

Je kunt dubbele kinderbijslag krijgen voor een thuiswonend kind van 3 tot en met 17 jaar dat door een ziekte, stoornis, aandoening of handicap veel extra zorg nodig heeft. Het kind moet minimaal vier nachten per week thuis wonen.

Of de zorg als intensieve zorg wordt aangemerkt, wordt beoordeeld aan de hand van een Wlz-indicatie of een advies van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ).

Kind dat niet thuis woont

Ook voor een uitwonend kind kun je in bepaalde situaties dubbele kinderbijslag krijgen. Dit kan bijvoorbeeld gelden als je kind vanwege een bepaalde opleiding, ziekte of handicap niet thuis woont.

Daarbij gelden aanvullende voorwaarden. Zo moet je voldoende bijdragen aan het onderhoud van je kind. De precieze voorwaarden hangen af van de reden waarom je kind niet thuis woont.

Wil je ondersteuning bij de zorg voor je kinderen? Registreer je vandaag gratis bij Oppasland.

Wanneer stopt de kinderbijslag

De kinderbijslag stopt uiterlijk wanneer je kind 18 jaar wordt. Wanneer de laatste betaling plaatsvindt, hangt af van de verjaardag van je kind.

Is je kind op de eerste dag van een kwartaal al 18 jaar? Dan krijg je voor dat kwartaal geen kinderbijslag meer. Is je kind op de eerste dag van het kwartaal nog 17 jaar en wordt het later in dat kwartaal 18? Dan krijg je voor dat hele kwartaal nog kinderbijslag.

De kinderbijslag kan in sommige situaties al vóór de achttiende verjaardag stoppen. Voor kinderen van 16 en 17 jaar gelden bijvoorbeeld aanvullende regels rond onderwijs en het behalen van een startkwalificatie.

Geef veranderingen door aan de SVB

Sommige veranderingen in je situatie moet je doorgeven aan de SVB. Denk bijvoorbeeld aan veranderingen in de woon- of leefsituatie van je kind. Controleer bij de SVB of je een wijziging zelf moet doorgeven of dat de SVB deze informatie automatisch ontvangt.

Gratis aanmelden