Baby

Een baby is een kind in het eerste levensjaar, vanaf de geboorte tot ongeveer 1 jaar. In deze periode ontwikkelt een kind zich snel op het gebied van bewegen, communiceren, zien, horen en contact maken met anderen.

Baby's zijn voor hun voeding, verzorging en veiligheid volledig of grotendeels afhankelijk van volwassenen. De ontwikkeling verloopt bij iedere baby anders. Vaardigheden zoals zitten, kruipen en staan ontstaan daarom niet bij ieder kind op dezelfde leeftijd.

Zoek je een oppas voor je baby? Registreer je gratis bij Oppasland en kom in contact met oppassers.

Ontwikkeling van een baby

In het eerste levensjaar leert een baby steeds meer over het eigen lichaam en de omgeving. De ontwikkeling gaat stap voor stap en het tempo verschilt per kind.

Bewegen

Een jonge baby heeft nog weinig controle over het eigen lichaam. In de loop van het eerste jaar worden de spieren sterker en krijgt een baby meer controle over het hoofd, de armen, handen en benen.

Een baby kan bijvoorbeeld leren omrollen, zelfstandig zitten, zich over de grond verplaatsen, kruipen of zich optrekken. Niet iedere baby doorloopt deze stappen in dezelfde volgorde. Sommige baby's slaan het kruipen bijvoorbeeld helemaal over.

Communicatie

Baby's communiceren vanaf de geboorte met geluiden, gezichtsuitdrukkingen en bewegingen. Huilen is een belangrijke manier om aan te geven dat er iets nodig is, zoals voeding, slaap, nabijheid of een schone luier.

Later gaan baby's steeds meer geluiden maken en brabbelen. Praten, zingen en reageren op de geluiden van een baby geven het kind gelegenheid om met communicatie en taal bezig te zijn.

Contact en spelen

Een baby leert door te kijken, luisteren, voelen en bewegen. Naarmate een baby ouder wordt, kan die steeds gerichter naar speelgoed grijpen en reageren op mensen en spelletjes.

Je kunt bijvoorbeeld praten en zingen, samen naar een boekje kijken, een rammelaar aanbieden of kiekeboe spelen. Kies speelgoed dat geschikt is voor de leeftijd en geen kleine of losse onderdelen bevat.

Een baby met een grijs mutsje

Oppassen op een baby

Oppassen op een baby vraagt andere aandacht dan oppassen op een ouder kind. Een baby kan nog niet vertellen wat er aan de hand is en heeft veel hulp nodig bij voeding, slapen, verschonen en troosten.

Heb je weinig ervaring met baby's, spreek dan vooraf met de ouders af dat zij laten zien hoe zij hun baby verzorgen. Zo kun je kennismaken met het kind en de dagelijkse routines.

Bespreek de verzorging met de ouders

Vraag voordat de ouders vertrekken in ieder geval naar:

  • de borst- of flesvoeding en eventuele vaste voeding;
  • het slaapritme en de veilige slaapplek;
  • het verschonen en de verzorgingsproducten;
  • allergieën, medicijnen of andere bijzonderheden;
  • hoe de baby meestal wordt getroost;
  • telefoonnummers van de ouders en een extra contactpersoon;
  • wat je moet doen als de baby ziek wordt of er een noodsituatie ontstaat.

Volg de afspraken van de ouders en geef niet op eigen initiatief andere voeding, medicijnen of verzorgingsproducten.

Voeding van een baby

In de eerste maanden bestaat de voeding van een baby uit borstvoeding of volledige zuigelingenvoeding. Tussen 4 en 6 maanden kan een baby beginnen met kleine oefenhapjes. Deze hapjes vervangen de melkvoeding nog niet.

Vanaf 6 maanden heeft een baby naast borst- of flesvoeding ook vaste voeding nodig. Welke voeding een baby krijgt en hoe deze wordt aangeboden, bespreek je als oppas altijd met de ouders.

Eerste hapjes

Oefenhapjes kunnen bijvoorbeeld bestaan uit geprakte groente of fruit. Wanneer een baby gewend is aan de eerste hapjes en wat grovere voeding kan eten, kunnen ook andere geschikte voedingsmiddelen worden aangeboden.

Brood kan al tussen 4 en 6 maanden worden geïntroduceerd als een baby gewend is aan oefenhapjes. Begin bijvoorbeeld met zacht brood zonder korst, pitten en zaden. Vanaf ongeveer 7 maanden kan ook brood met korst worden aangeboden.

Let bij eten altijd op de structuur en grootte van het voedsel om de kans op verslikken en verstikken te verkleinen. Laat een baby tijdens het eten niet alleen.

Slapen van een baby

Hoe vaak en hoe lang een baby slaapt, verschilt sterk per kind en verandert gedurende het eerste levensjaar. Ook 's nachts wakker worden en nachtvoedingen kunnen bij baby's voorkomen. Er is daarom geen vaste leeftijd waarop een baby moet doorslapen.

Veilig slapen

Leg een baby voor iedere slaap op de rug in het eigen bedje. Een veilige slaapplek is leeg en bevat geen kussen, hoofdbeschermer, babynestje of andere zachte materialen die de ademhaling kunnen belemmeren.

Een box is bedoeld om een baby veilig te laten spelen en bewegen en is geen vervanging voor een veilig babybedje. Valt een baby in de box in slaap, volg dan de slaapafspraken die je vooraf met de ouders hebt gemaakt.

Een baby die aan het lachen is

Verzorging van een baby

Een baby heeft meerdere keren per dag verzorging nodig. Als oppas is het belangrijk om te weten hoe de ouders dit gewend zijn te doen en welke producten zij gebruiken.

Luier verschonen

Verschoon een baby wanneer dat nodig is en gebruik de verzorgingsproducten die de ouders hebben klaargelegd. Laat een baby nooit alleen op de commode liggen, ook niet voor een paar seconden.

Handen wassen

Was je handen voordat je voeding klaarmaakt en na het verschonen van een luier. Goede handhygiëne helpt om de verspreiding van ziekteverwekkers te beperken.

In bad

Een baby hoeft niet iedere dag in bad. Als je als oppas een baby in bad doet, spreek dit dan vooraf met de ouders af. Blijf altijd binnen handbereik en laat een baby nooit alleen in of bij water.

Veiligheid bij het oppassen op een baby

Baby's kunnen risico's nog niet herkennen. Bovendien kunnen nieuwe vaardigheden, zoals omrollen of zich optrekken, soms onverwacht ontstaan. Houd daarom voortdurend rekening met de omgeving.

  • Laat een baby nooit alleen op een commode, bank of andere verhoogde plek.
  • Leg een baby voor het slapen op de rug in het eigen bedje.
  • Houd kleine voorwerpen en losse onderdelen buiten bereik.
  • Laat een baby niet alleen tijdens het eten of drinken.
  • Houd hete dranken, medicijnen en schoonmaakmiddelen buiten bereik.
  • Laat een baby nooit alleen in bad of in de buurt van water.
  • Gebruik een autostoel die geschikt is voor het kind en correct is bevestigd.
  • Ondersteun bij een jonge baby het hoofd en de nek zolang dat nodig is.

Van baby naar dreumes

Rond de eerste verjaardag wordt een kind meestal geen peuter, maar een dreumes genoemd. De dreumesfase loopt grofweg van 1 tot 2 jaar. Daarna begint de peutertijd.

De overgang tussen deze ontwikkelingsfasen is niet scherp. Ieder kind ontwikkelt zich in een eigen tempo.

Gratis aanmelden